Inleiding over 
Debussy's Préludes
door René Eckhardt

CV René Eckhardt

contact

copyright

 

 

 

 


Boek 2, Prelude nr. 9

Hommage à S. Pickwick Esq. P.P.M.P.C.
(Eerbetoon aan S. Pickwick Esq. P.P.M.P.C.)

illustratie in Dickens' Pickwick papers door Robert Seymour

Hommage à S. Pickwick Esq. P.P.M.P.C. is in feite een eerbetoon aan de Engelse schrijver Charles Dickens die door Debussy werd bewonderd en veel werd gelezen. Debussy’s goede vriend en biograaf René Peter beweerde zelfs dat Dickens zijn beste en oudste metgezel was. De plaats die deze prelude in Boek II inneemt is die van een luchtig intermezzo – na de twee poëtische preludes La terrace des audiences du clair de lune en Ondine, en voorafgaand aan de laatste drieluik Canope, Les tierces alternées en Feux d'artifice.

De titel verwijst naar Dickens’ eerste roman The Posthumous Papers of the Pickwick Club, ook wel de Pickwick Papers genoemd (Nederlandse uitgave: De nagelaten papieren van de Pickwick Club). Hoofdfiguur hierin is Samuel Pickwick. Hij is een vriendelijke, rijke oude heer, oprichter en voorzitter voor het leven van de naar hem vernoemde Pickwick Club. De letters Esq. P.P.M.P.C. vormen de protserige titel van de voorzitter, waarbij Esq. staat voor Esquire (een ouderwetse titel voor een heer van stand) en P.P.M.P.C. voor Perpetuel President Member Pickwick Club. Een titel waarmee Debussy overigens iets afwijkt van de werkelijke titel die Dickens voor Pickwick bedacht, te weten General Chairman – Member Pickwick Club.

Met drie vrienden – de ‘vurige’ Tracy Tupman, de ‘dichterlijke’ Augustus Snodgrass en de ‘sportieve’ Nathaniël Winkle – reist Pickwick per postkoets door het Engelse landschap om merkwaardige verschijnselen van het leven te bestuderen en daarover rapport uit te brengen in de club. In Dickens’ komische stijl wordt het gewichtige van de heren en hun club uitvergroot en op de hak genomen. Het boek werd meerdere malen verfilmd.

Debussy schreef in 1913 in een brief aan zijn uitgever over zijn tweede boek preludes waaraan hij op dat moment de laatste hand legde: ‘Behandel ze alsjeblieft als een informeel visitekaartje.’ Een opmerking waaruit, weliswaar op een andere toon, dezelfde strekking lijkt te spreken als uit de roman van Dickens: het relativeren van gewichtigheid.

De prelude opent pompeus met God save the King in de bassen. Tegen het einde van het middengedeelte, als de muziek naar een climax omhoog stuwt, komt het volkslied in gehavende vorm, als een jammerlijke kreet, terug. 

Deze prelude correspondeert met La dance de Puck uit Boek I. Voor beide preludes diende de Engelse literatuur als inspiratiebron. Tevens valt in beide preludes hetzelfde snelle gepuncteerde ritme op dat bij La dance de Puck het beginthema karakteriseert en bij Hommage à S. Pickwick Esq. P.P.M.P.C. het middengedeelte.

© René Eckhardt

Bronnen

 

 
  >>> volgende: Canope

Voor alle 24 Préludes: zie inleiding